FAQ

Veelgestelde vragen

Hieronder vind je de meest voorkomende vragen rond asbest. Klik op het plusteken bij de vragen om het bijbehorende antwoord te lezen.

Helemaal zeker ben je pas na een analyse door een erkend laboratorium.
Weet je echter wanneer je woning werd gebouwd of grondig verbouwd? Dat tijdstip geeft al een belangrijke indicatie. Gebeurde dat ergens tussen 1950 en 2000? Dan is de kans groot dat ook jouw woning asbesthoudende materialen bevat.

Meer info over hoe je asbest herkent en wat je ermee aanvangt, vind je op onze app AsbestCheck.

Het antwoord op deze vraag is niet zo eenvoudig. De belangrijkste regel luidt als volgt: gaat het om asbest in hechtgebonden vorm en kan je de materialen verwijderen zonder ze te breken? Dan mag je dat zelf doen. Maar … wanneer de materialen al barsten of breuken vertonen gaat deze regel niet meer op!

Een belangrijke indicatie is de fabricagedatum van de platen. Golfplaten die geproduceerd werden vóór 1990 bevatten nagenoeg altijd asbest. Tussen 1990 en 1998 werden zowel asbesthoudende als niet-asbesthoudende golfplaten geproduceerd. Eigenlijk is het eenvoudiger om na te gaan of een bepaald materiaal géén asbest bevat.

Wanneer je op de golfplaten het merkteken NT (New Technology) of verstevigingstrips aantreft, dan bevatten de golfplaten geen asbest.

Meer info over hoe je asbest herkent en wat je ermee aanvangt, vind je op onze app AsbestCheck.

Asbesthoudende golfplaten mag je niet reinigen en al zeker niet met hogedrukapparatuur of stijve borstels. Er bestaat eigenlijk geen veilige manier om asbestcement te reinigen. Er zullen altijd asbestvezels in de dakgoot, de regenwaterput of de riolering terechtkomen.

Asbestcementen platen kunnen na verloop van tijd uitlogen: het cementen materiaal waarin de vezels stevig gebonden zaten, gaat daarbij langzaamaan oplossen in het water en daardoor kunnen de asbestvezels loskomen en uiteindelijk meespoelen met het regenwater. In de afdruipzones van dergelijke daken kan bijgevolg een belangrijke concentratie aan asbestvezels aanwezig zijn. Dat is zeker het geval wanneer de asbestcementen daken het einde van hun levensduur naderen: dan zie je vaak breuken of scheuren in de golfplaten en in dit geval kunnen de platen een gevaar vormen.

Asbesthoudende golfplaten verwijder je meestal met de zogenoemde techniek van de eenvoudige handelingen. Dat houdt het volgende in:

  • Smeer de te verwijderen materialen in met een fixeermiddel
  • Gebruik een stofmasker van het type FFP3 en zorg dat het goed aansluit.
  • Draag een wegwerpoverall en wegwerphandschoenen. Doe die nadien buiten uit en spoel ook je schoenen buiten af.
  • Vermijd het vrijkomen van vezels door het materiaal te bevochtigen.
  • Demonteer asbestelementen één voor één met de hand. Probeer ze niet te breken.
  • Maak gebruik van handwerktuigen (schroevendraaier, klauwhamer). Gebruik in geen geval snel draaiende machines zoals een slijpschijf of boormachine!
  • Gooi asbesthoudende materialen niet naar beneden, maar breng ze voorzichtig naar de begane grond.
  • Verpak en laad het materiaal in speciale asbestzakken of containers met big bag, voorzien van een asbestetiket. Deponeer ook je gebruikte beschermkledij in deze zak of container

Neen, je moet ook een wegwerpoverall met een hoofdkapje dragen, wegwerphandschoenen en bij voorkeur een veiligheidsbril. Bovendien moet je een FFP3-stofmasker opzetten. Vergeet ook niet de platen in te smeren met een fixeermiddel vooraleer je ze demonteert.

Deze FAQ wordt binnenkort aangevuld

Er bestaan drie technieken* om asbest te verwijderen:

  • eenvoudige handelingen
  • couveusezakmethode
  • verwijdering in een hermetisch afgesloten zone
De staat van het asbesthoudend materiaal bepaalt de techniek die best wordt toegepast. De laatste tweetechnieken mogen enkel toegepast worden door erkende asbestverwijderende bedrijven.
 
* De voorwaarden en regels voor elk van de drie technieken worden toegelicht in Titel 3 ‘Asbest’ van boek VI van de codex over het welzijn op het werk.

 

Als particulier mag je hechtgebonden asbest dat je zelf hebt verwijderd, afvoeren naar het containerpark. Deze afvalmaterialen moeten echter goed ingepakt zijn. Zo zorg je ervoor dat er geen vezels vrijkomen indien het materiaal zou breken tijdens het transport.

In de meeste containerparken kan je beperkte hoeveelheden asbest gratis deponeren. Informeer je hiervoor bij de milieudienst van je gemeente.

Gaat het om kartonachtige vloerbekledingen? Dan is de kans groot dat het gaat om een asbesthoudend materiaal. Niet alleen de vloerbekleding zelf, maar ook de lijm waarmee deze is vastgehecht bevat dikwijls asbest. Indien je vaststelt dat er zwarte lijm werd gebruikt, kan dit een indicatie zijn dat er asbest in de lijm werd verwerkt.

Uitsluitsel hiervoor kan je alleen krijgen door een staal te nemen. NB: Een staal neem je enkel als je inderdaad van plan bent om werken uit te voeren, zo niet, dan blijf je er beter van af.

Draag bij het nemen van het staal altijd de nodige beschermingsmiddelen: wegwerpoverall, FFP3-mondmasker, handschoenen, veiligheidsbril. Vergeet ritssluitingen en schoenveters niet af te tapen. Verpak het staal in een daarvoor bestemd dubbelwandig zakje, en fixeer ook de rest van het materiaal waar je het staal nam (bijvoorbeeld met tape). Het staal stuur je in het zakje met daarop een asbestetiket naar een erkend labo voor verdere analyse.

Beschik je niet over het juiste materiaal om zelf op een veilige manier een staal te nemen, contacteer ook dan een erkend labo.
 

Wanneer je oppervlakken overschildert die vervaardigd zijn uit hechtgebonden asbesthoudende materialen, dan komen er normaal geen asbestvezels vrij. Bij de voorbereidende werken - en zeker bij het opschuren van de materialen - gebeurt dat echter wel. Kortom: dergelijke materialen schilderen houdt geen risico’s in, maar ze schuren wel.

De federale arbeidswetgeving en de Vlaamse milieuwetgeving verbieden het plaatsen van zonnepanelen op daken met asbesthoudende materialen. Om de zonnepanelen te plaatsen, worden de asbesthoudende materialen namelijk doorboord. Daardoor komen asbestvezels op het onderdak en in de omgeving terecht.

Het antwoord op deze vraag hangt af van de aard van de asbesthoudende materialen.

Gaat het om hechtgebonden asbest? Dan mogen de asbesthoudende materialen verwijderd worden door een gewone aannemer die zijn werknemers de vereiste opleidingen heeft laten volgen.

Voor alle duidelijkheid: bij hechtgebonden asbest zitten de asbestvezels vast in de structuur van de materialen. Ze kunnen daardoor niet vrijkomen, tenzij wanneer de materialen worden gebroken of beschadigd. Voorbeelden zijn asbesthoudende golfplaten of leien.

Een belangrijke tip: vraag de aannemer naar de opleidingsattesten van de werknemers die het werk gaan uitvoeren en check zijn referenties.

Wanneer het gaat om losgebonden asbest, dan moet je verplicht een beroep doen op een erkend asbestverwijderend bedrijf. Bij losgebonden asbest komen er tijdens het verwijderen van de materialen namelijk altijd asbestvezels vrij. Denk maar aan asbesthoudende isolatie rond leidingen, of gespoten asbesthoudende isolatie.

Een asbestinventaris is een beschrijving van alle asbesthoudende materialen en toepassingen in een bepaald gebouw. Je leest er ook in waar ze zich bevinden, om welk soort asbest het gaat en om hoeveel per soort.

Om een asbestinventaris op te stellen is een erkenning of registratie niet verplicht. Natuurlijk heb je wel heel wat expertise nodig om het goed te doen. Daarom: doe hiervoor altijd een beroep op een vakman en check zeker ook de referenties die hij opgeeft.

Het antwoord op deze vraag is niet eenduidig. Werkgevers zijn sinds 1995 verplicht om een asbestinventaris op te stellen, onder andere ook voor de gebouwen die ze betrekken. Voor particulieren geldt deze verplichting op dit ogenblik echter nog niet. Inmiddels gaan er wel stemmen op om ook voor privéwoningen een asbestinventaris te verplichten. Maar zover zijn we op dit moment nog niet.

De federale arbeidswetgeving stelt dat elke werknemer die blootgesteld wordt aan asbest zowel een verplichte basisopleiding als een verplichte jaarlijkse bijscholing moet volgen:

  • Werknemers die tewerkgesteld zijn bij een erkend asbestverwijderend bedrijf moeten een basisopleiding van minimaal 32 uur en een jaarlijkse bijscholing van minimaal 8 uur volgen.
  • Werknemers die niet werken in een asbestverwijderend bedrijf, maar die toch te maken hebben met de verwijdering van gebonden asbest, moeten een basisopleiding van minimaal 8 uur en een jaarlijkse bijscholing van 8 uur volgen.
  • Werknemers die enkel sporadisch en in kleine hoeveelheden gebonden asbest verwijderen, worden vrijgesteld van deze opleidingsverplichting.

Wanneer de werknemers behoren tot het paritair comité 124, dan voorziet de bouwsector in een financiële tegemoetkoming voor de opleidingskosten. De voorwaarde hiervoor is wel dat de opleiding wordt gegeven door een opleidingscentrum dat erkend is door Constructiv. Raadpleeg hiervoor de website van Constructiv.

Elke werkgever die asbesthoudende materialen gaat verwijderen, moet deze werken melden bij de regionale directie van de FOD WASO, algemene directie Toezicht Welzijn op het Werk.

Of het nu gaat om een erkend asbestverwijderend bedrijf of niet: elke werkgever met werknemers die asbest verwijderen, dient een register samen te stellen met de gegevens van deze werknemers, de blootstellingsduur en de aard van het asbest waarmee zij in contact zijn gekomen.
Werknemers die alleen deelnemen aan sporadische handelingen van asbestverwijdering, hoeven in dit register niet te worden opgenomen.

Sporadische handelingen worden in de regelgeving omschreven als “handelingen die slechts sporadisch (met een geringe intensiteit of frequentie) worden uitgevoerd en waarvan uit de risicobeoordeling blijkt dat de grenswaarde nooit overschreden zal worden.” Voorbeelden hiervan zijn korte, niet-continue onderhoudsactiviteiten waarbij geen vezels vrijkomen of het (af en toe) inpakken van niet-beschadigde asbesthoudende materialen in goede staat.

Wanneer het gaat om sporadische handelingen voor het verwijderen van asbesthoudende materialen, dient de werkgever geen register met blootstelling van zijn werknemers bij te houden. Hij is ook vrijgesteld van de meldingsplicht aan de regionale directie Toezicht Welzijn op het Werk en het gezondheidstoezicht van de arbeiders in het kader asbestverwijderingswerken is niet van toepassing.

Elke werkgever moet erover waken dat hij zijn werknemers niet blootstelt aan asbest. Wanneer hij werken gaat uitvoeren bij een bouwheer, is hij daarom verplicht om na te gaan of er geen asbest aanwezig is. Vermoed je als werkgever dat er asbesthoudende materialen aanwezig zijn en is er geen asbestinventaris voorhanden? Dan moet je stalen laten nemen vooraleer de werkzaamheden aan te vatten.

Als bouwheer informeer je altijd best de aannemer(s) die bij jou aan de slag gaan over je vermoedens of over wat je weet.